Ard Nieuwenbroek in gesprek over zijn nieuwe boek over seksueel misbruik bij leerlingen.
Ard Nieuwenbroek in gesprek over zijn nieuwe boek over seksueel misbruik bij leerlingen. Foto: Sem van der Kallen

Eén vraag kan een wereld van verschil maken: Ard Nieuwenbroek schrijft boek over seksueel misbruik

Zorg en Welzijn

Sint-Oedenrode - ‘Hoe gaat het met je?’ Het is misschien wel een van de eenvoudigste vragen die een leerkracht aan een leerling kan stellen. Toch kan juist die vraag van onschatbare betekenis zijn. Dat is de overtuiging van Ard Nieuwenbroek. Vanuit zijn praktijk OrthoHulp aan de Schootsedijk in Sint-Oedenrode schreef hij, samen met Judith Kimenai, het nieuwe boek: Leerlingen en seksueel misbruik, herkennen en van betekenis zijn. Een boek dat vooral bedoeld is voor mensen die dagelijks met kinderen en jongeren werken en soms dat onderbuikgevoel hebben: er klopt iets niet, maar ik weet niet wat.

Door: Caroline van der Linden

Het onderwerp is ongemakkelijk. Misschien juist daarom besloot hij er een boek over te schrijven. In zijn praktijk ontmoet hij regelmatig volwassenen die jarenlang met een geheim hebben rondgelopen. Soms komt het verhaal pas na tientallen jaren naar buiten. Een vrouw van begin dertig vertelde hem dat zij tijdens haar schooltijd meerdere keren had overwogen om met haar mentor te praten. Ze had zelfs het gevoel dat haar mentor misschien iets aan haar merkte. Maar ze durfde niet. ‘Had ik het maar gedaan’, zei ze later. ‘Dan was ik misschien veel eerder geholpen.’

Dat soort ontmoetingen bleven bij hem hangen. Niet alleen vanwege het verdriet dat erachter schuilgaat, maar ook vanwege de vraag wat er misschien anders had kunnen lopen als iemand destijds net iets verder had doorgevraagd.

Niet wegkijken, maar ook geen therapeut
Ard Nieuwenbroek wil met zijn boek absoluut geen schuld neerleggen bij leerkrachten of ouders. Integendeel. Hij begrijpt hoe ingewikkeld het is om seksueel misbruik te herkennen. Kinderen doen er vaak alles aan om het verborgen te houden. Schaamte, schuldgevoel, loyaliteit of angst kunnen ervoor zorgen dat een kind niets zegt en zich ondertussen zo normaal mogelijk probeert te gedragen.

Juist daarom kan het voor een leerkracht moeilijk zijn om signalen te herkennen. ‘Handelingsverlegenheid’ noemt hij het. Wat doe je als je iets vermoedt? Hoe begin je een gesprek? Wat zeg je wel en wat juist niet? En wat doe je als een leerling daadwerkelijk iets vertelt?

Het boek geeft er praktische handvatten voor. “Niet om van leerkrachten hulpverleners of therapeuten te maken”, benadrukt hij, “maar om ervoor te zorgen dat zij binnen hun eigen rol iets kunnen betekenen. Hoe voer je een gesprek met een vijfjarige, en hoe verschilt dat van een zestienjarige? Bij jonge kinderen kunnen tekeningen of poppen helpen om woorden te vinden. Ook wordt beschreven hoe je met ouders omgaat en wat er van een school verwacht wordt wanneer er sprake is van een vermoeden. Een leerkracht is geen therapeut”, zegt hij. “Maar een leerling blijft wel op school.” En juist daar zit volgens hem een belangrijke verantwoordelijkheid. Ook nadat een kind is doorverwezen naar professionele hulp, blijft de leerkracht degene die het kind iedere dag ziet. Een veilige, betrouwbare volwassene kan dan van grote betekenis zijn.

Twee kinderen in iedere basisschoolklas
De aanleiding voor het boek is niet alleen wat hij in zijn praktijk tegenkomt. Ook de omvang van het probleem maakt diepe indruk. Volgens de cijfers waarmee OrthoHulp werkt, gaat het gemiddeld om twee kinderen per basisschoolklas die seksueel misbruik hebben meegemaakt of daar op dat moment mee te maken hebben. Dat betekent dat het onderwerp dichterbij is dan veel mensen misschien denken. Niet ergens ver weg, maar mogelijk gewoon in de klas, op het sportveld of binnen een gezin dat je kent.

“Als er door dit boek maar één leerling is aan wie iemand de vraag stelt: hoe gaat het met je, en die leerling opent zich daardoor”, zegt hij, “dan heeft dat misschien betekenis voor de rest van dat leven.” Die gedachte vormt de kern van zijn missie.

Daarom heeft hij een praktisch en menselijk boek geschreven voor onderwijsprofessionals, maar volgens hem ook waardevol voor anderen die met kinderen en jongeren werken. Het gaat over herkennen, over het eerste gesprek, over loyaliteit en geheimhouding, maar vooral over de vraag hoe je er kunt zijn zonder de rol van therapeut over te nemen.

Het boek verschijnt bij ACCO. Eind september/begin oktober is het te bestellen; de officiële presentatie vindt plaats op 7 december, tijdens een bijzonder middagsymposium in Utrecht.

Vier deskundigen op één middag
Het symposium draagt dezelfde titel als het boek: ‘Leerlingen en seksueel misbruik, herkennen en van betekenis zijn’. Naast Nieuwenbroek spreken daar prof. dr. Iva Bicanic, drs. Aafke Scharloo en prof. dr. Dirk De Wachter. Zij gaan ieder vanuit hun eigen expertise in op onder meer het herkennen van signalen, het omgaan met onthullingen, loyaliteit en het belang van nabijheid.

Maar voor Nieuwenbroek begint het verhaal niet op 7 december. Het begint veel eerder, misschien wel bij die ene eenvoudige vraag.

Hoe gaat het met je?

Een vraag die niets hoeft op te lossen. Geen oordeel bevat. Geen diagnose vraagt. Alleen maar laat merken: ik zie je, ik ben er en je mag vertellen. En soms kan precies dát het verschil maken.

Voor meer info: OrthoHulp – natuurlijk, Schootsedijk 11, 5491 TD Sint-Oedenrode, 06-54 25 52 20, info@orthohulp.nl, www.orthohulp.nl 

Afbeelding
Afbeelding