Afbeelding
Foto: Pixabay

Start het gesprek over later

Goed nieuws

Regio - De rijksoverheid vindt het belangrijk dat ouderen nu al met hun omgeving praten over wat ze willen en kunnen doen om gezond te blijven, prettig te blijven wonen of wat ze voor elkaar kunnen betekenen als er zorg nodig is. “Zo kun je ook later vol van het leven blijven genieten”, meent Nicki Pouw-Verweij, staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg.

Door: Jan & Wenny van der Heyden

Het aantal ouderen in de samenleving neemt toe én we worden gemiddeld steeds ouder. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) helpt 60-plussers een eerste stap te zetten met zulke oriënterende gesprekken. Het stelt daarvoor gesprekskaarten uit de campagne ‘Praat vandaag over morgen’ ter beschikking en wijst op landelijke gespreksbijeenkomsten, zoals ‘Senioren zelf aan zet’, ‘Krachtig ouder worden’ en ‘Zorgen voor jezelf, er zijn voor elkaar’.

Met die gesprekskaarten kunnen 60-plussers op een gemakkelijke en laagdrempelige manier het gesprek voeren over later, bijvoorbeeld met hun familie, vrienden of buren. Voorbeelden van vragen uit deze gesprekskaarten zijn:

  • Van welke activiteiten krijg jij energie?
  •  Wie zou jou kunnen helpen in de tuin of met de boodschappen als dat later nodig is? 
  • Wat zou je nu al aan je woning kunnen aanpassen? 
  • Of wie in jouw omgeving kun jij met iets helpen? 

Gespreksbijeenkomsten
Naast de gesprekskaarten organiseert een groot aantal maatschappelijke organisaties activiteiten die het gesprek over later stimuleren. Zoals de gespreksbijeenkomsten ‘Senioren zelf aan zet’ (Senioren Brabant-Zeeland, Senioren Limburg en KBO-Senioren-Overijssel), ‘Krachtig ouder worden’ (Seniorencoalitie) en ‘Zorgen voor jezelf, er zijn voor elkaar’ (MantelzorgNL). Het zijn bijeenkomsten waar 60-plussers inspiratie kunnen opdoen over wat zij kunnen doen voor later én hierover in gesprek kunnen gaan met anderen.

“Blijf aan het stuur van je eigen leven staan” 

Staatssecretaris Nicki Pouw-Verweij vindt het “indrukwekkend om te zien dat sinds de start van de campagne ‘Praat vandaag over morgen’ het gesprek op steeds meer plekken in Nederland wordt gevoerd.” Ze zegt zelf in de praktijk te hebben gezien hoeveel verschil het maakt als je samen met de mensen om je heen op tijd het gesprek voert over later en de eerste voorbereidingen treft. “Dat geeft rust en zorgt ervoor dat je aan het stuur van je eigen leven blijft staan.”

Een eerste stap
Het ministerie van VWS haalt een gesprek aan tussen twee buurvrouwen, Annie (66) en Thea (67) die met elkaar al praten over later en wat zij kunnen doen om comfortabel te blijven wonen. Annie: “Wij hebben lichtsensoren geplaatst in de hal en tussen de slaapkamer en het toilet. Dat scheelt in het donker zoeken naar lichtknopjes.”

Ook hebben de twee buurvrouwen een buurtcirkel opgericht. Een groep met buren die elkaar helpt bij dingen die je niet kunt plannen. En die naar elkaar omkijkt. Annie: “We brengen een pannetje soep langs als iemand ziek is, of halen medicijnen op.”
Ook voor andere zaken weten buren elkaar beter te vinden door de buurtcirkel. “Een lamp die bij een oudere buurvrouw kapot is, wordt vervangen door de buurman. En als de dochter van iemand op vakantie gaat, kijken we met elkaar om naar die buur. Vroeger moest daar familie voor komen, nu lossen we het met elkaar op.”