
Katten in negen rondes
Human InterestSint-Oedenrode - Toen Jo Timmermans (84) de redactie van DeMooiRooiKrant binnenwandelde om het over zijn katclub te hebben, werd mij gevraagd om een gesprek met hem in te plannen. Ik kon alleen niet vermoeden dat dit niet over het kleine, schattige huisdier zou gaan, maar om iets totaal anders. Het bleek al snel dat Jo het over het aloude kaartspel Katten wilde hebben.
Door: Freek Vervoort
Speciaal voor deze gelegenheid heeft Jo zijn Kat-kompanen uitgenodigd. Jos Jansen (80) en Toon Verberk (87) hebben – net als Jo – decennialang ervaring met Katten. Toon zelfs al zo’n 70 jaar. “Op mijn zeventiende ben ik begonnen en nog altijd speel ik minimaal één keer in de maand. Eigenlijk is het nog altijd te doen bij Sien Peijn, daar bracht ik vroeger mijn vader naartoe, omdat die ging kaarten. Op een gegeven moment ben ik blijven hangen om zelf mee te spelen”, vertelt Toon. Net als Toon, heeft Jos ook jaren ervaring. Hij leerde het bij zijn schoonfamilie in Liempde. “Je speelt altijd met vier personen, verdeeld in twee koppels. Mijn schoonvader en schoonbroer konden alleen echt niet tegen hun verlies. Je kunt je misschien voorstellen dat het er weleens flink op ging daar, haha”, herinnert hij zich.
Jo probeert mij ondertussen het spel uit te leggen. “Je speelt dus in paren en dat wordt bepaald aan de hand van de boer. De zwarte boeren zitten bij elkaar en de rode. En dan ga je spelen om punten te halen. De Aas is elf punten waard, de Koning drie, de Vrouw twee en de Boer één. De cijfers zijn gewoon de cijfers. Je krijgt acht kaarten in je hand en kunt per ronde 148 punten halen. Welk koppel als eerst 100 punten heeft, wint die ronde – ook wel een laaike genoemd. Je speelt negen laaikes. En dan heb je ook nog troefboeren en roem, wij leggen de roem op tafel.” Jo doet zijn best, maar ik snap er eerlijk gezegd bijzonder weinig van. Katten blijkt iets weg te hebben van klaverjassen, maar is eigenlijk ook weer helemaal anders. Als klap op de vuurpijl blijkt dat de spelregels per dorp ook nog anders zijn, dat maakt het er niet makkelijker op. Alsof het een soort dialect is van een kaartspel. “In Schijndel houden ze de roem bijvoorbeeld vast in de hand”, legt Jos uit. “Maar dat is een stuk moeilijker, want dan moet je nog meer onthouden en dat wordt niet makkelijker als je ouder wordt.”
Café Sien Peijn – ook wel bekend als café ’t Groene Woud – is dus al jaren het decor voor dit kaartspel. Samen met een aantal spelers uit Liempde komen deze drie mannen eens in de maand samen om te spelen. “Het loopt wel terug. Er zijn niet zoveel katters meer en we willen toch nog blijven spelen. Hopelijk zijn er in Rooi dus nog meer spelers die willen aansluiten. Bij Sien Peijn is het allemaal goed geregeld in ieder geval. We beginnen daar ’s middags en kunnen daar ook eten, voor degenen die dat willen. Daar ligt het niet aan”, legt Jo uit. Voor deze drie Katters is het een stukje hersengymnastiek en uiteraard plezier. Helder van geest blijven is een voordeel, maar dat zit wel goed bij deze drie. “Daarbij helpt het Katten natuurlijk. Je moet toch op een manier fit blijven”, sluit de oudste van het stel af.















