
Tussen hoop en heimwee: hoe Oekraïense vluchtelingen een nieuw leven opbouwen
Human InterestSint-Oedenrode - Wanneer de twaalfjarige Danylo Chernei zijn trofeeën laat zien, verschijnt er direct een brede glimlach op zijn gezicht. Kampioen geworden, geselecteerd voor sterke voetbalteams en volgens zijn moeder vastbesloten om ooit een grote voetballer te worden. Het zijn momenten die doen vergeten dat achter het verhaal van de jonge voetballer een oorlog schuilgaat die zijn leven voorgoed veranderde.
Door: Caroline van der Linden
Danylo woont samen met zijn moeder Liliia, vader, broer en zus in de opvanglocatie voor Oekraïense vluchtelingen in het voormalige Rabobankgebouw in Sint-Oedenrode. Inmiddels zijn we enkele jaren verder sinds de eerste vluchtelingen naar Nederland kwamen. Hoe gaat het nu met hen? Tijdens een gesprek met moeder en zoon, in aanwezigheid van de locatiemedewerker, de woonbegeleidster en een communicatieadviseur van de gemeente Meierijstad, ontstaat een beeld van een gemeenschap die haar weg gevonden heeft, maar nog altijd leeft tussen hoop en onzekerheid.
Voor Danylo voelt Nederland inmiddels bijna vanzelfsprekend. Hij gaat naar school, voetbalt meerdere keren per week en heeft Nederlandse vrienden. Zijn Nederlands is opvallend goed. Naast school krijgt hij extra ondersteuning van vrijwilligers die met kinderen lezen, spelletjes spelen en helpen bij het oefenen van de taal.
„In het algemeen vindt hij Nederland fijn”, zegt zijn moeder. „Er zijn veel mensen die willen helpen en hij voelt zich onderdeel van de gemeenschap.” Dat blijkt ook uit zijn leven buiten school. Na de lessen spreekt hij af met vrienden, traint hij op het voetbalveld en speelt hij wedstrijden in het weekend. De sport heeft hem zichtbaar geholpen om zijn plek te vinden.
Toch blijft Oekraïne altijd dichtbij. Familieleden wonen er nog steeds en de oorlog raakt het gezin dagelijks. De vader van Liliia en haar broer dienen allebei in het Oekraïense leger. Contact is mogelijk, maar onregelmatig en afhankelijk van waar zij zich bevinden. “Mijn vader wisselt af tussen het front en een basislocatie. Na enkele dagen aan het front keert hij terug om uit te rusten, waarna hij opnieuw wordt ingezet”, vertelt Liliia. Met haar broer is het contact vaak nog moeilijker. Soms horen ze wekenlang niets van hem. Die voortdurende onzekerheid weegt zwaar op de familie. „Niemand weet hoe lang de oorlog nog duurt”, zegt Liliia. „Dat maakt het moeilijk om plannen te maken.” Dat gevoel van onzekerheid klinkt vaker door tijdens het gesprek. Want hoewel het leven in Nederland veilig is, blijft de toekomst onduidelijk. De tijdelijke bescherming voor Oekraïners loopt voorlopig door, maar niemand weet precies hoe de situatie er over enkele jaren uitziet. Voor Liliia is dat misschien wel de grootste zorg.
Niet alleen vanwege de oorlog, maar ook omdat ze haar leven opnieuw heeft moeten opbouwen. Overdag werkt ze bij een bedrijf waar voedselverpakkingen worden gemaakt. Zoals veel bewoners van de opvanglocatie heeft zij werk gevonden. Dat zorgt niet alleen voor structuur en inkomen, maar betekent ook dat bewoners financieel bijdragen aan hun verblijf. „Veel mensen werken hier”, vertelt de locatiemedewerker. „Daardoor kunnen ze steeds zelfstandiger leven.” Die zelfstandigheid is tijdens een rondleiding door het gebouw duidelijk zichtbaar. Op iedere verdieping bevinden zich gezamenlijke keukens waar bewoners zelf koken en er is een wasruimte beschikbaar waar ze hun kleding kunnen wassen. Gezinnen beschikken over hun eigen kamers, terwijl gezamenlijke ruimtes zorgen voor ontmoeting. De sfeer in het gebouw oogt rustig en gemoedelijk. Natuurlijk zijn er weleens kleine irritaties of meningsverschillen tussen
bewoners, maar volgens de begeleiding gaat het opvallend goed. „Het zijn allemaal verschillende mensen met verschillende achtergronden”, zegt de locatiemedewerker. „Maar over het algemeen verloopt het samenleven heel prettig.” Momenteel wonen er ongeveer 120 mensen in het voormalige bankgebouw. Vrijwel allemaal afkomstig uit Oekraïne. Dat de opvang goed verloopt, merken ook de bewoners zelf. Waar in het begin veel geregeld moest worden, weten mensen inmiddels hun weg te vinden. Nieuwe bewoners worden geholpen door mensen die hier al langer wonen. Kinderen worden ingeschreven bij sportverenigingen, ouders vinden werk en scholen zijn vertrouwd geraakt met de begeleiding die soms nodig is.
Voor Danylo is Nederland inmiddels meer dan een tijdelijk toevluchtsoord geworden. Hij ziet hier kansen die hij in Oekraïne minder vanzelfsprekend vond. Volgens hem is het onderwijs in Nederland toegankelijker. In Oekraïne volgt iedereen hetzelfde programma en ligt de nadruk sterk op prestaties. Hier wordt volgens hem meer gekeken naar talenten en persoonlijke ontwikkeling. Maar misschien nog belangrijker: hij voelt zich veilig. Dat geldt ook voor zijn moeder. Wanneer haar wordt gevraagd wat veiligheid voor haar betekent, hoeft ze niet lang na te denken. „Het belangrijkste is dat mijn kinderen veilig zijn”, zegt ze. In Oekraïne brengen kinderen regelmatig tijd door in schuilkelders wanneer er luchtalarmen afgaan. Scholen worden onderbroken door dreiging van raketaanvallen. Het is een werkelijkheid die in Nederland nauwelijks voor te stellen is.
Tegelijkertijd blijft heimwee een belangrijke rol spelen. Familie, vrienden en herinneringen zijn achtergebleven in Oekraïne. Voor sommige vluchtelingen wordt dat gemis uiteindelijk zo groot dat zij besluiten terug te keren, zelfs terwijl de oorlog nog niet voorbij is. De behoefte om weer thuis te zijn blijkt soms sterker dan de angst voor de situatie daar. Ook Liliia kent dat gevoel. Haar hele leven speelde zich af in Oekraïne. Familie en vrienden wonen er nog steeds. Toch kijkt ze vooral naar de toekomst van haar kinderen. Als zij mogen kiezen, zouden ze het liefst in Nederland blijven. Ze gaan hier naar school, hebben vrienden gemaakt en bouwen aan een nieuw leven. „De kinderen vragen soms of ze hier mogen blijven”, vertelt Liliia. „Ze voelen zich thuis.” Dat maakt de situatie dubbel. Enerzijds is er het verlangen naar het land van herkomst, anderzijds de wetenschap dat kinderen hier kansen krijgen en zich ontwikkelen. Het is een dilemma dat veel Oekraïense gezinnen herkennen.
Voor de gemeente en de begeleiding ligt de nadruk daarom op stabiliteit en zelfstandigheid. Die aanpak lijkt zijn vruchten af te werpen. De opvanglocatie in de voormalige Rabobank oogt niet als een plek waar mensen slechts wachten tot ze weer kunnen vertrekken. Het voelt eerder als een tijdelijke woonomgeving waar mensen proberen hun leven voort te zetten. En terwijl buiten de wereldpolitiek voortdurend verandert, gaat binnen het dagelijkse leven gewoon door. Kinderen gaan naar school. Ouders naar hun werk. Er wordt gekookt, gewassen en gevoetbald.
Danylo pakt nog één keer trots zijn trofee vast. Hij droomt van een toekomst als profvoetballer. Misschien in Nederland, misschien ooit weer in Oekraïne. Voorlopig is er vooral één wens die moeder en zoon delen. Dat er vrede komt. Zodat zij op een dag niet meer hoeven te kiezen tussen veiligheid en een thuis.















