
Voorstellen bezuinigingen Meierijstad op tafel, impact voor iedereen voelbaar
PolitiekMeierijstad - De gemeente Meierijstad bereidt zich voor op de gevolgen van het ‘ravijnjaar’. Vanaf 2026 wordt verwacht dat gemeenten fors minder geld van het Rijk voor hun taken krijgen, wat een groot financieel gat veroorzaakt in de gemeentelijke begroting. De gemeente Meierijstad verwacht in 2026 een tekort van ruim 8 miljoen euro, oplopend naar 10 miljoen euro in 2028. Daarom werkt de gemeente hard aan een plan om de begroting vanaf 2026 sluitend te maken, zodat de uitgaven niet hoger zijn dan de inkomsten. De gemeenteraad heeft ruim 130 ombuigingsvoorstellen gekregen en mag daarover gaan beslissen. Wat daarin het meest opvalt is het voorstel dat de gemeente flink gaat snijden in personeelskosten.
Op dinsdagavond 25 maart vond de tweede beeldvormende avond plaats voor de gemeenteraad van Meierijstad, waarin het werd bijgepraat over de financiële situatie van de gemeente. Wethouder Jan Goijaarts gaf een uitgebreide toelichting op de ontwikkelingen sinds de vorige beeldvormende avond. “Er is sinds die tijd veel gebeurd, en we denken dat we nu een voorstel hebben waarmee we verder kunnen,” zei Goijaarts.
Ombuigingen in beeld
Tijdens de bijeenkomst werd ook uitgebreid stilgestaan bij de ombuigingsvoorstellen die op tafel liggen. Concerncontroller Coen Kwekkeboom gaf een overzicht van het proces dat sinds oktober 2024 is ingezet om de begroting op orde te krijgen. Dit traject heeft geleid tot maar liefst 132 ombuigingsvoorstellen, die gezamenlijk een besparing van meer dan 10 miljoen euro zouden kunnen opleveren. De voorstellen zijn verdeeld in twee groepen: door het college geadviseerde ombuigingsvoorstellen en door college niet-geadviseerde voorstellen. Kwekkeboom lichtte toe dat de voorstellen zijn ingedeeld in twee categorieën: voorstellen zonder directe beleidsmatige consequenties en voorstellen met grotere beleidsimpact. “We willen de gemeenteraad de ruimte geven om te kiezen uit de verschillende alternatieven, maar we moeten daarbij ook goed kijken naar de maatschappelijke impact van de voorstellen,” zei Kwekkeboom.
De voorstellen bevatten onder andere besparingen op het inhuren van extern personeel binnen de gemeentelijke organisatie, wat ongeveer 1,65 miljoen euro zou kunnen opleveren. Dat komt nog bovenop de reeds begrote afbouw van 80 FTE in 2024 naar 54 FTE in 2027 (effect 2.250.000 euro). Dit zou samen met vele tientallen andere bezuinigingsmaatregelen moeten leiden tot een aanzienlijke kostenbesparing. De lijst van 132 ombuigingen laat zien dat iedere inwoner het gaat merken. Het verhogen van entreeprijzen bij de zwembaden tot het niet meer vernieuwen van speelplekken zijn slechts twee voorbeelden. De besparingen zijn volgens Kwekkeboom belangrijk, maar moeten zorgvuldig worden afgewogen tegen de maatschappelijke effecten. Daarnaast wordt ook gekeken naar inkomstenverhogingen voor de gemeente en het afstoten van niet-essentiële taken. De gemeente heeft door middel van een matrix de maatschappelijke impact van verschillende voorstellen in kaart gebracht, zodat de raad een weloverwogen keuze kan maken.
Reserves en de toekomst
Tijdens de bijeenkomst kwam ook de vraag aan bod of de gemeente haar reserves kan inzetten om het tekort op te vangen. Gemeenteraadslid Laurens van Voorst (Hart) vroeg zich af of het mogelijk is om jaarlijks bijvoorbeeld 5 miljoen euro uit de algemene reserve aan te wenden. Kwekkeboom wees erop dat er een solvabiliteitseis geldt voor de reserves, en dat de gemeente tegelijkertijd grote investeringen heeft gepland waarvoor deels de reserve wordt aangewend. De gemeente beschikt momenteel over een reserve van 30 miljoen euro, maar het is belangrijk om deze op een verantwoorde manier in te zetten.
Op 16 april vindt er een extra gezamenlijke commissievergadering plaats, waarin de gemeenteraad haar oordeel kan geven over de gepresenteerde ombuigingsvoorstellen. Dit oordeel zal richting geven aan het opstellen van de begroting voor de komende jaren. De gemeenteraad heeft vervolgens tot 3 juli de tijd om de voorstellen goed te keuren, waarna de gemeente verder kan werken aan een financieel gezonde toekomst.















