
Floris Alkemade: “Het Land van Kien is uitzonderlijk rijk”
Human InterestSint-Oedenrode - Wie met Floris Alkemade over het Land van Kien praat, merkt al snel dat het gesprek veel verder gaat dan alleen woningen, natuur of gebiedsontwikkeling. Voor de voormalig Rijksbouwmeester draait het uiteindelijk om iets veel groters: de vraag hoe mensen in de toekomst samen willen leven. Midden in het groen van Kien schetst hij een visie die tegelijk vooruitstrevend én verrassend historisch aanvoelt. “We moeten geen woningen bouwen, maar gemeenschappen.”
Door: Nienke Habraken
“Het landschap heeft een geheugen”, zegt Alkemade terwijl hij uitkijkt over het gebied rondom Arbeidslust. “Iedere bocht in de weg heeft een reden.” Daarmee vat hij eigenlijk direct samen waarom het Land van Kien hem zo aanspreekt. Het kan niet gezien worden als een leeg stuk grond waar zomaar gebouwd kan worden, maar als een gebied dat door de eeuwen heen vanuit een zorgvuldige bewerking gevormd is door water, landbouw, natuur en mensen. Dat verhaal moet volgens hem niet verdwijnen onder een standaard woonwijk. Juist daarom kijkt hij samen met de initiatiefnemers van Kien naar andere manieren van wonen en ontwikkelen. “We moeten geen woningen bouwen, maar gemeenschappen”, zegt hij stellig.
Volgens Alkemade ligt daar één van de grootste uitdagingen van deze tijd. Onderzoeken van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) tonen aan dat mensen steeds vaker vereenzamen en de behoefte aan verbinding groeit. “Dat speelt niet alleen bij ouderen, maar juist ook bij jongeren”, vertelt hij. “Mensen zoeken plekken waar ze elkaar kunnen ontmoeten en waar ze zich verbonden voelen met hun omgeving.” In zijn ogen sluit het Land van Kien daar perfect op aan. Het gebied combineert natuur, voedselproductie, recreatie en sociale ontmoeting op een manier die volgens hem zeldzaam is geworden. “Mensen willen weer weten waar hun voedsel vandaan komt. Ze willen buiten zijn, met hun handen werken en onderdeel zijn van een gemeenschap.”
Tijdens het gesprek refereert Alkemade regelmatig naar onderdelen van het gebied die volgens hem uniek zijn. Niet alleen de rijke grond en oude structuren, maar juist ook het populaire park rondom de Kienehoef. “Als je dit park in Parijs zou neerleggen, zou het absoluut niet misstaan”, zegt hij lachend. “Mensen beseffen soms niet hoe bijzonder dit eigenlijk is.” Volgens hem wordt de waarde van zulke groene gebieden alleen maar groter. Zeker nu steden steeds warmer, drukker en voller worden. “Ik heb in steden als Parijs, Singapore en New York gewerkt”, vertelt hij. “Daardoor ga je beter zien hoe uitzonderlijk rijk de omgeving van Sint-Oedenrode is. Met de Dommel, de productielandschappen, de oude bomenstructuren en het groen rondom het dorp.”
Juist daarom vindt hij dat ontwikkelingen zorgvuldig moeten gebeuren. Niet door overal losse woningen neer te zetten, maar door goed te kijken hoe wonen onderdeel kan worden van het landschap. Eerdere ideeën met verspreide tiny houses vond hij daarom geen goede richting. “Dat klinkt aantrekkelijk, maar uiteindelijk raakt zo’n gebied langzaam volgebouwd. Dan komen de auto’s, de schuttingen en de infrastructuur erbij en verlies je precies de kwaliteit van het gebied.” In plaats daarvan ontstond het idee voor een compacte woonvorm rondom Hoeve Arbeidslust. Geen klassieke woonwijk, maar een gemeenschap waarin mensen zelfstandig wonen en tegelijkertijd iets met elkaar delen. Volgens Alkemade moet het gebied juist open blijven, terwijl de woningen worden geconcentreerd in één krachtig geheel. Hij vergelijkt het concept met een moderne abdijvorm. Niet religieus, benadrukt hij, maar wel gebaseerd op het idee van samenleven rondom een gezamenlijke plek. “Mensen wonen hier straks zelfstandig, met privacy en comfort, maar tegelijkertijd ontstaat er een gemeenschap waarin mensen elkaar vanzelf tegenkomen.”
Die woonvorm als in een abdij moet volgens hem veel meer worden dan alleen een verzameling appartementen. Er wordt gedacht aan ongeveer driehonderd woningen voor voornamelijk één- en tweepersoonshuishoudens. In totaal zouden er uiteindelijk zo’n vierhonderd tot vierhonderdvijftig mensen kunnen wonen. “Dat is eigenlijk gewoon een complete buurt”, zegt hij. “Alleen georganiseerd op een totaal andere manier.” En juist die andere manier maakt het volgens hem interessant. Bewoners leven straks midden in het landschap en kunnen ook actief bijdragen aan het gebied. Denk aan moestuinen, voedselproductie, onderhoud van het groen, sociale activiteiten of werken aan gezamenlijke voorzieningen. “Het idee is dat wonen niet losstaat van de omgeving, maar er juist onderdeel van wordt.” Volgens Alkemade sluit dat aan bij een bredere maatschappelijke verandering. Hij merkt dat steeds meer mensen verlangen naar een leven waarin natuur, rust en gemeenschap een grotere rol spelen. “Veel mensen missen dat gevoel van verbondenheid”, zegt hij. “Zelfs in grote steden zie je dat mensen uiteindelijk vooral waarde hechten aan hun straat, hun buurt en de mensen om hen heen.” Daarom denkt hij dat projecten zoals Kien belangrijk kunnen worden voor de toekomst van wonen. Niet alleen omdat er woningen bijkomen, maar omdat ze laten zien dat het ook anders kan. “We bouwen nu vaak vooral vanuit systemen en korte termijn financieel rendement”, vertelt hij. “Maar de echte woonvraag van mensen gaat vaak veel meer over leefkwaliteit.”
Het landschap speelt daarin volgens hem een sleutelrol. Hij noemt het gebied rondom Kien een productielandschap: een landschap waarin landbouw, natuur en water altijd samen hebben gewerkt. “We zijn vergeten hoe zo’n landschap eigenlijk als een fijn afgestemde machine functioneert”, zegt hij. “Terwijl daar juist oplossingen liggen voor de toekomst.” Hij doelt daarmee onder andere op waterbeheer, biodiversiteit en voedselvoorziening. Binnen Kien wordt volgens hem op een slimme manier gekeken hoe die elementen opnieuw met elkaar verbonden kunnen worden. Zo ziet hij ook de ontwikkelingen rondom de Dommel als een belangrijk voorbeeld. “Vroeger dacht men vooral aan dijken verhogen. Nu ontstaat er ruimte voor de rivier én natuur. Dat levert uiteindelijk alleen maar kwaliteit op.”
Wat hem daarnaast aanspreekt, is de mentaliteit achter het project. “Er zit hier een mooie combinatie van ondernemerschap en idealisme”, vertelt hij. “Niet alleen denken aan snel resultaat, maar juist aan de vraag: wat laten we achter voor volgende generaties?” Tijdens het gesprek wordt duidelijk dat Alkemade niet alleen enthousiast is over het plan zelf, maar vooral over de gedachte erachter. Over het idee dat wonen meer kan zijn dan alleen een huis met een voordeur. “Hoe beter je kijkt, hoe meer je ziet”, zegt hij terwijl hij opnieuw richting het landschap kijkt. En misschien ligt daar volgens hem wel precies de toekomst. Niet in steeds meer losse woningen, maar in plekken waar landschap, gemeenschap en leven weer met elkaar verbonden raken.
Dit verhaal is een productie voor de Krant van Kien, een uitgave van het Land van Kien en Mediahuis Meierijstad.















