
Stefan Latijnhouwers loopt Pieterpad in één keer
Human InterestSint-Oedenrode - Het doorkruisen van ons land te voet. Dat kan! Door het lopen van het Pieterpad. De bekendste langeafstandroute van Nederland. Om precies te zijn 498 kilometer. Een pad dat je van Pieterburen aan de Noord-Groningse Waddenkust naar de Sint-Pietersberg in Zuid-Limburg voert. Voor velen herkenbaar om dit in etappes te doen, maar Rooienaar Stefan Latijnhouwers (50) presteerde het om dit in één keer af te leggen.
Door: Caroline van der Linden
Zestien dagen aan één stuk heeft hij gelopen, met enkel dagelijks een overnachting en met zelfs uitschieters van veertig kilometer op een dag. Slingerend door een groot aantal verschillende landschappen, door afwisselende natuur en gebieden met een uiteenlopende cultuurhistorie. Diverse soorten landschappen heeft hij doorkruist, zoals de rijke Groninger klei, de Drentse zandgronden, de Sallandse Heuvelrug, de Lommerrijke Achterhoek, het Montferland en het langgerekte gevarieerde Limburg. Ieder gebied met zijn eigen karakteristiek, boerderijtypen, dorpsuitleg, cultuurlandschap en industrie. Wanneer je het Pieterpad loopt, wandel je over zoveel mogelijk kleinere wegen en paden. De route is verdeeld in 26 etappes, gemiddeld tussen de 15 en 22 kilometer lang.
Om dit in één keer te doen, moet je toch aardig getraind zijn. Zelf bezig met de voorbereidingen voor de Nijmeegse Vierdaagse kan ik alleen maar diep respect hebben als je dit ongeveer maal vier doet. Daarom maar eens even de wandelschoenen aan om hem een bezoek te brengen. Wie weet heeft hij nog wat tips. En die heeft hij genoeg, want helemaal van een leien dakje is het natuurlijk niet gegaan, maar een belevenis, dat was het zeker!
“Vroeger heb ik bij de scouting gezeten. De liefde voor backpacken, hiken, is daar ooit ontstaan. Elk jaar in september loop ik met een clubje een mooie wandeling. Toen we een keer door Luxemburg wandelden stuitten we toevallig op de GR5. Het bleek een lange afstandsroute te zijn die door Luxemburg naar de Middellandse Zee voert. We spraken met elkaar af deze een keer te lopen. Een tocht van 2350 kilometer. Maar wanneer? Je kunt niet zomaar drie maanden weg. Maar het bleef in m’n hoofd hangen om nog wel een keer iets moois te bewandelen. Misschien toch eerst maar eens iets kleiners aanpakken om te kijken of dat op mijn leeftijd nog gaat. De GR5 loopt van de Hoek van Holland naar Maastricht en het Pieterpad komt ook in Maastricht uit”, legt Stefan uit. “Ze kruisen elkaar daar zelfs. Dus de GR5 kun je ook lopen vanuit Pieterburen. Een mooi begin dus”, lacht hij.
“Het begon met het uitpluizen van de route en het maken van planningen van dagetappes van zo’n dertig, vijfendertig kilometer per dag”, vertelt Stefan. “Dat was mooi, dan was ik niet te lang van huis. Dan komt de keuze wat doe je aan? Goede schoenen, naadloze sokken en een goede tas.” En wat neem je mee? “Ik kwam uit op een bepakking van vijftien kilo. Ik had van die mooie boekjes klaarliggen waar de bezienswaardigheden instonden. Leuk voor onderweg en om ’s avonds door te nemen als ik niets te doen had. Maar eenmaal aan het pakken wogen deze samen toch zo’n 350 gram. Dat was te veel. Net zoals mijn kookspullen, die ik thuis liet.
Met kerst begon ik met trainen en ben ik elke zondag gaan lopen. Vroeg de deur uit om niet te laat terug te zijn. Ook een keer twee dagen achter elkaar met bepakking. Maar na de eerste dag kreeg ik al last van mijn knieholte en kuit. De dag daarop maar even zonder tas, dat ging iets beter, maar ik zat al dicht tegen mijn vertrek en de blessure bleef. Maar even naar de chiropractor en de masseur. Net voordat ik vertrok ging het redelijk, daar moest ik het zestien dagen maar mee doen. Op goed geluk!
Op naar Pieterburen en van start! De eerste dag had ik een vrij korte route gepland. Dat ging niet denderend, maar ging. Maar op het eind van dag twee, de laatste tien kilometer, kreeg ik enorme last net onder mijn rechterenkel. Bij elke stap voelde ik een pijnscheut. Ik zocht het meest vlakke stuk van de weg op, maar het was slecht weer geweest, dus liep ik op stukken die opgedroogd waren, schuin of modderig waren. Bij elke stap keek ik hoe ik m’n voet neerzette. Zo heb ik de laatste tien kilometer op m’n tandvlees afgelegd om bij de camping te komen. Maar dag twee zat erop! De volgende ochtend de tent afgebroken, een ontbijtje en weer door. Met wandelwol in mijn sokken en wat zalf erop. Maar dat voelde natuurlijk nog niet helemaal goed. De eerste vijf kilometer beet ik me weer door de pijn heen. Met de Special Forces in gedachten, waarbij ze zeggen als je pijn hebt, je nog slechts op veertig procent van je kunnen zit, ging ik door”, lacht Stefan. Het Pieterpad is zo’n tachtig procent onverhard, dus loop je door de tractorsporen, over hult en bult en zeker niet vlak. Dus steeds op zoek naar de goede helling om je voeten neer te zetten. Maar na tien kilometer warmdraaien ging het wel. Als je gewrichten warm zijn, zijn ze soepeler en kunnen ze hoogstwaarschijnlijk net wat meer verdragen, zullen we maar denken.
“| Ik kreeg zelfs van een wildvreemde een soort gelukspoppetje
Einde dag drie. Dat viel niet tegen. Die avond opnieuw smeren en hopelijk mijn redmiddel, nog wat wandelwol. Dag vier. De last was weer wat minder dan dag drie. De pijn onder mijn rechterenkel verdween zelfs. Aan de linkerkant kwam er wel wat zeurende pijn bij mijn hak voor terug, maar weer wat wol erop en het zou wel overgaan. Wonder boven wonder had ik na dag vijf geen kwaaltjes meer. Natuurlijk waren de onderkant van mijn voeten na iedere etappe vermoeid, maar dat is normaal.” Als bij de Vierdaagse kwam Stefan natuurlijk geen verzorgingsposten tegen onderweg, met wat eerder verkregen tips van de masseuse maakte hij daarom zelf zijn voeten maar los.
Voor de tocht kocht hij een eenpersoons trekkerstentje. Altijd handig toch? Maar door het slechte weer zette hij deze pas vlak voor vertrek op. De afmetingen bleken echter anders uit te vallen dan verwacht, zo klein dat hij van alle kanten tegen de gaas aanlag en er geen spullen meer bij konden. Dan maar zijn oude tentje mee, moet kunnen? Ook zijn dikke warme slaapzak liet hij maar thuis met een dunner en lichter exemplaar daarvoor in de plaats. Maar na een regenachtige overnachting plakte de buitentent aan de binnentent en druppelde alles door. Terwijl de kerk ook nog eens om het half uur sloeg had hij alle uren van die nacht gezien. Dan maar om zes uur eruit, tent laten drogen en door. Met overnachtingen in verschillende trekkershutjes, als hij geluk had zelfs met een kacheltje om zijn schoenen te drogen, kwam hij de nachten door.
“Ik kijk terug op een prachtige tocht met mooie ontmoetingen, fluitende vogels in de ochtenden, spechten, hazen en buizerds, een pootafdruk van een vermoedelijke wolf, waterpartijen, kastelen, het doorkruisen van diverse rivieren en vrienden die een dagje meeliepen met als afsluiting een potje bier. Ik kreeg zelfs van een wildvreemde een soort gelukspoppetje voor onderweg. Heel bijzonder”, vertelt Stefan.
Met het besef dat hij het geluk had dit te kunnen doen stak hij bij vele kerken en kapelletjes een kaarsje aan. Even vertellen aan zijn overleden ouders hoe zijn tocht tot dan toe was gegaan en hen steun vragen voor de kilometers die nog komen gingen. En dat dit geholpen heeft blijkt nu hij terug kijkt op zijn prestatie. Dus wie weet horen we hem nog eens terug als hij de GR5 op zijn naam geschreven heeft.

















