Handboogschutterij ‘Semper Unitas.
Handboogschutterij ‘Semper Unitas.

De historie van de Rooise Boerderij

Historie

Sint-Oedenrode - Op de plaats waar nu de ‘Rooise Boerderij’ staat, stond al eeuwen een herberg. Rond 1660 komen we Dirck de Ketelaer tegen als de eigenaar van een huis, hof en turfschuur. Latere eigenaars waren Gerit Stanssen Molemakers en zijn nakomelingen. 

Door: Willie Damen van de Mosselaer

Herbergiers en pachters
Er waren ook pachters, zoals Gerit Sleurs en later zijn zoon Piet Sleurs. Deze laatste is niet lang pachter geweest, hij was daar herbergier en betrokken bij een ruzie. In 1760 moet hij aan zijn verhuurder zijn rogge en boekweit overdragen om met de verkoop daarvan zijn huurschuld af te lossen. Dirk van de Laak was vanaf 1761 de pachter.

Franse vechtersbazen in de herberg
Hij en zijn vrouw Catharina van de Ven maken het een en ander mee in de herberg. Zoals in 1764 wanneer twee Fransen, Etienne Bedon en Pierre Ouson, en een teut de herberg zijn ingekomen en daar jenever en bier hebben gedronken. Dirk is bij de mannen in de herberg gebleven en Catharina is naar de botermarkt gegaan. Op de markt hoort zij vertellen dat de vreemdelingen aan het vechten zijn in de herberg, de dorpsdiender of bedeljager heeft ze uit de herberg geslagen.

In 1802 laten Dirk en Catharina hun testament opmaken en zij verklaren uit liefde en genegenheid de langstlevende van de twee tot erfgenaam. Wanneer zij zijn overleden, komt het huis in handen van hun kinderen, onder wie Pieter, van beroep tapper. In het midden van de negentiende eeuw komt de herberg met beugelbaan in handen van een bierbrouwer.

Tol en schuttersgilde
De toen nieuwe eigenaar staat op de nog aanwezig gevelsteen gelegd door den Heer Hub. Joh. Smits J.H.Z. op 7 mei 1856. In 1857 moest er in die tijd een tol betaald worden voor het gebruik van de weg van en naar Schijndel. Bij de herberg ‘Den Doelen’ stond tolhuisje 5 een met als tolpachter Laurens Valks. Ook de handboogschutterij ‘Semper Unitas’ had hier zijn stek. In 1851 wordt in een krantenbericht al melding gemaakt van een handboogschuttersgezelschap Semper Unitas.

Volgens de Noord-Brabander van 19 juli 1856 arriveerde op die dag te Sint-Oedenrode de nieuw benoemde notaris De Jong. Hij was gezeten in een door vier paarden getrokken koets uit Den Bosch. Bij de herberg den doelen ‘Semper Unitas’, stonden men hem op te wachten. Onder de aanwezige de Edelachtbare Heer Burgemeester en andere autoriteiten benevens een honderdtal in het wit geklede bruidjes, de liederentafel, honderden schutters met geweren gewapend een menigte van mensen.

Nieuwe vergunningen
Op 31 januari 1882 diende Theodorus van de Rijt een aanvraag in om sterke drank te mogen verkopen in zijn woning, gelegen in wijk B 384, kadastraal bekend als sectie C 1800. In de aanvraag beschreef hij de verschillende ruimtes die voor het cafébedrijf werden gebruikt: de herbergkamer (waarschijnlijk het hoofdvertrek van het café), de koepel (mogelijk een apart zitgedeelte of overdekt paviljoen), en de doelen, oftewel de handboogschietbaan, die in de tuin vóór het huis lag. Het café “De Groote Doelen”, gelegen aan wat later de Schijndelseweg werd, kreeg op 25 mei 1933 een vergunning om zwakalcoholische dranken te schenken.

Enkele jaren later werd deze vergunning uitgebreid omdat er ook een overdekte handboogschutterij bij kwam. In 1951 verpachtte Maria Catharina van den Broek het café, dat op haar naam stond. Ze woonde zelf aan de Markt in het dorp. In 1956 werd de vergunning voor de schutterij ingetrokken, maar voor het café werd datzelfde jaar nog een volledige drankvergunning verleend.

Het einde van een horecatijdperk
Na haar overlijden in 1966 werd de vergunning overgeschreven op naam van haar zoon, Martinus Johannes Moeskops. In 1969 probeerde Johannes Willems Willems, een timmerman, het café voort te zetten aan de Schijndelseweg 2, maar hij kreeg geen vergunning volgens de Drank- en Horecawet, omdat hij niet voldeed aan de toen geldende eisen. Daarmee kwam er waarschijnlijk een einde aan de horecafunctie van dit pand.

Bron: BHIC