ICT op Rooise basisscholen in een stroomversnelling
Roois nieuws De tijd dat kinderen klasgenootjes konden plagen door met de nagels over het schoolbord te krassen, is al lang voorbij. Tegenwoordig werken de leraren namelijk met digitale borden. De scholen die echt bij de tijd zijn hebben voortaan zelfs LCD schermen waar je met meerdere personen op kunt werken. Als er de laatste 20 á 25 jaar iets in beweging is geweest op de (Rooise) basisscholen, dan is het de ICT wel. John van der Sman en Tine Strikkers, beiden werkzaam bij SKOSO, weten er veel over te vertellen.John van der Sman stond zo’n 25 jaar voor de klas in Nijnsel. Hij was een leraar die altijd een manier zocht om zijn leerlingen op een originele manier te laten leren. Dat lukte zeker met de opkomst van de computer. De mogelijkheden werden oneindig, hoewel dat begin jaren ’80 nog wel mee viel natuurlijk. Nieuwsgierig als hij was verdiepte hij zich in de materie en dat is altijd zo gebleven. In 2002 werd hij bovenschoolse ICT coach bij SKOSO. Dat houdt in dat hij de visie en het beleid ontwikkelt op het gebied van ICT en de boel aanstuurt. Zijn collega Tine Strikkers gaf jaren les op basisschool Kienehoef. Ook zij had geen angst van de computer, maar ging er driftig mee aan de slag. Begin jaren negentig volgde ze één van de eerste cursussen tot ICT coördinator. Sinds vier jaar is ze ICT-coach op verschillende basisscholen.
De eerste computer
“In 1984 maakten we voor het eerst kennis met de computer op school”, denkt Tine terug. “Toen ging het Comenius project van start. Iedere school kreeg een computer en een diskette. Er werd nog niet veel mee gedaan, gewoonweg omdat bijna niemand wist hoe. Alleen de technisch ingestelde mensen interesseerden zich ervoor.” John neemt over. “Dat ging zo door tot begin jaren negentig. De computer begon een rol te krijgen. Niet alleen op technisch gebied, wat eerder het geval was, maar ook op het vlak van onderwijs. Iedere school had ineens drie á vier computers en eens in de zes weken kwamen de ICT’ers bij elkaar voor overleg. Dat ging echter alleen over technische zaken. Ik vond het ook interessant, maar dan vooral op didactisch gebied.”
Omslagpunt
Dat ontwikkelde zich meer en meer. Niet alleen de docenten, maar ook de leerlingen kregen steeds meer opdrachten op de computer. “In 2002 kwam zo’n beetje de omslag”, zegt John. “Er werden revolutionaire netwerken aangelegd in de scholen. De overheid stelde per leerling een bedrag voor ICT ter beschikking. Ineens waren er meer mogelijkheden en er werd beleid en visie bepaald op het gebied van ICT. Het accent kwam geleidelijk op didactiek te liggen.” Vanaf 2003 gingen de eerste krijtborden weg uit de scholen en kregen leraren digitale borden tot hun beschikking. In 2007 zaten alle Rooise scholen er mee vol.
Stroomversnelling
Hoewel de eerste computers begin jaren tachtig op het toneel verschenen, kwam het geheel eigenlijk pas de laatste twaalf jaar in een stroomversnelling. Tine: “Op De Sprongh in Olland hebben ze vorig jaar een pilot gedraaid met tablets. Op dit moment loopt bij meerdere scholen een pilot met tablets. Kinderen van groep 1-2 krijgen al les met een tablet. De tijd van alleen frontaal onderwijs is voorbij. Dat vergt een aanpassing voor leraren.” “Leerkrachten vonden het implementeren nog erg lastig. vult haar collega aan. Gelukkig gaat dat nu steeds beter en zien de leraren vooral de voordelen van nieuwe hard- en software. Op sommige gebieden kan het ze zelfs ontlasten.”
Wat zal de toekomst ons brengen? Geen boeken meer? Iedere leerling één enkel kastje waar hij alles mee kan doen? “Dat zou best eens kunnen”, knikt Tine. John beaamt. “Over vijf of tien jaar verwacht ik dat op veel scholen kinderen rondlopen met één device. Boeken verdwijnen langzaamaan. Die tendens zie je nu al opkomen.” ”En de nieuw te bouwen schoolgebouwen zullen veel flexibeler zijn”, zegt Tine. “Geen standaard lokalen meer, maar grote ruimtes waar kinderen vrij aan hun eigen opdrachten kunnen werken. Kortom, the sky is the limit.”











