
Een leven tussen zwetende lijven en warme koffiekopjes
Human InterestSint-Oedenrode - We zitten samen aan één van de tafels, net binnen de deur van zijn sportschool in Sint-Oedenrode. Het domein van Theo van den Oever. De ruimte is eenvoudig, maar uitnodigend. Een grote balie, een paar zitjes, het geroezemoes van een vroege ochtend. Af en toe zwaait de deur open en stapt een sporter binnen. Een groet klinkt, een hand wordt opgestoken. Theo kijkt op, knikt vriendelijk. “Goedemorgen!” roept hij. Niet op de automatische piloot, maar met oprechte aandacht.
Door: Caroline van der Linden
Een andere bezoeker heeft iets nodig van achter de bar. “Pak maar hoor,” zegt Theo, “Kijk gerust.” Het is typerend voor de sfeer die hier hangt: gemoedelijk, laagdrempelig, bijna huiselijk. Er wordt gezweet, natuurlijk, maar minstens zo vaak wordt er gelachen. Dit is een plek waar mensen blijven hangen. Waar je je welkom voelt. En dat is grotendeels te danken aan de man die hier al 35 jaar lang de lijnen uitzet én het koffieapparaat bijvult.
“Zolang ik het leuk vind, blijf ik het doen,” zegt hij met een rustige vastberadenheid die kenmerkend is voor mensen die hun plek in het leven hebben gevonden. Zijn sportschool is veel meer dan een plek om spieren te kweken of kilo’s kwijt te raken. Het is een verlengde van Theo zelf. Een tweede huis. Of misschien zelfs het eerste.
Wortels in Rooise grond
Theo’s leven begon op de Schootsedijk, nummer drie. “Altijd in Rooi gewoond,” vertelt hij met een glimlach. Zijn vader had een groentewinkel en een tuinbedrijf. “Ik wist al vroeg: die zaak ga ik niet overnemen.” Een beslissing die niet makkelijk was, zeker niet voor zijn vader, die hard had gewerkt aan wat er stond. “Dat vond hij niet leuk. Maar ik voelde dat het niet mijn pad was.” Zijn pad leidde hem al vroeg naar de sport. Vanaf zijn zestiende zat hij in het Nederlands team voor taekwondo. Kampioenschappen volgden, zelfs de World Games. Op zijn 29e maakte hij de overstap naar thaiboksen, en draaide hij nog zes profpartijen. “Eigenlijk was ik toen al te oud om echt door te breken, maar ik deed het uit liefde voor de sport.” Die liefde bleef. En op een dag, tussen de verbrande resten van een schuur op het terrein van zijn vader, ontstond een idee. “Een vriend riep voor de grap: begin anders een sportschool.” En zo begon het. In 1990. Een zaaltje van 120 vierkante meter. Borden getimmerd door zijn oom. Een droom zonder startkapitaal, maar met oneindig veel inzet.
Altijd aan het bouwen
Theo heeft zijn sportschool inmiddels zestien keer verbouwd. “Elke keer als ik wat geld had, maakte ik het groter.” Hij was jarenlang vrijgezel, tot zijn veertigste. “Ik had alle tijd. Alles wat ik had, stak ik hierin.” En nog steeds. De ruimte ademt die geschiedenis. Het is geen gelikte keten met glanzende oppervlakken en ijskoude airco’s. Dit is een plek met ziel. In de ruimte waar we zitten hangen foto’s van zijn kinderen. De vechtsportzaal ademt concentratie. En de koffieruimte? Die is het kloppend hart. “Elke ochtend zitten hier zo tussen de twintig en veertig man koffie te drinken,” zegt Theo. Een bekertje voor 90 cent. “Da’s bewust. Mensen blijven langer, maken een praatje. Het is die persoonlijke sfeer, dáár komen ze voor.”
Een huis vol herinneringen
Theo woont bij de zaak. “Dat is praktisch. Als de kinderen thuis komen, lopen ze gewoon naar binnen.” Zijn dochter is inmiddels 18 en studeert in Eindhoven. Zijn zoon van 12 heeft net zijn zwarte band taekwondo gehaald. “Ik zie ze elke dag, ook al werk ik veel. We eten samen, doen een spelletje. Ik mis niks.” Zijn vrouw leerde hij kennen in Thailand. “Ik ging daar trainen, meerdere keren per jaar. En ineens was ze daar. Het klikte meteen.” Na drie maanden besloten ze te trouwen. “Het voelde goed. En dan moet je niet twijfelen”, zegt Theo resoluut. Samen runnen ze de sportschool, samen bouwen ze aan de toekomst. “We hebben nog drie zzp’ers en vier mensen op papier. En met de kinderen erbij voelt het soms als één grote familie.”
Leren door te vallen
Theo is een man die gelooft in doorzetten. Niet in succes bij de eerste poging. “Mijn zoon verloor zijn eerste kickbokswedstrijd. Maar dat maakt niet uit. Ik verloor ook alles in het begin.” Hij lacht. “Juist door te verliezen, leer je vechten. Niet alleen in de ring.” Hij houdt van begeleiden. Van mensen helpen een doel te bereiken. “Of het nou afvallen is, sterker worden of gewoon beter in hun vel zitten, als ik daar een rol in mag spelen, ben ik tevreden.” Vooral de oudere sporters zijn hem dierbaar. “Die komen vaak met klachten. En als ze dan na een paar weken zeggen: ‘Het gaat beter’, ja… dat doet wat met je.”
Toekomstplannen
Stilzitten is niks voor Theo. Plannen zijn er altijd. Zo wil hij een squashbaan ombouwen tot een extra vechtsportzaal. “Dan kunnen die lessen op gunstigere tijden. Misschien zelfs elke ochtend om zeven uur.” En als dat aanslaat, komt er een verdieping. Boven vechtsport, beneden een grotere fitnessruimte. Hij wil ook investeren in nieuwe apparatuur. “Maar ik wil het eerst zien en voelen. Niet zomaar vanaf een foto kopen.” Zo reisde hij laatst naar Den Haag om te kijken bij een leverancier. “Als je iets goed wil doen, moet je er moeite voor doen”, zegt hij als vanzelfsprekendheid. Toch denkt hij ook na over wat komen gaat. “Mijn zoon is nu twaalf. Dus ik werk nog zeker een jaar of acht, negen. En daarna? Zolang ik fit blijf, waarom niet? Mijn trainer thaiboksen is 73 en geeft nog steeds les.”
Meer dan een sportschool
Je hebt sportscholen waar de nieuwste apparaten staan te blinken, waar smoothies worden gemixt en de kleedkamers bijna meer weg hebben van een wellnessresort. Maar aan de rand van Rooi staat iets heel anders. Niks overdreven, geen franje, gewoon een plek waar het om mensen draait. Theo’s sportschool is zo’n plek waar iedereen elkaar kent. Waar een zestiger net zo welkom is als een puber die voor het eerst binnenstapt. Waar de koffie niet veel kost, maar altijd goed smaakt omdat er tijd is voor een praatje. Het is de plek die Theo eigenhandig opbouwde, steen voor steen, en waar hij nog steeds iedere dag met liefde de deur opendoet.
In een tijd waarin alles sneller en groter moet, is juist dat misschien wel de grootste kracht van deze sportschool: de gemoedelijkheid. Het echte leven dat je hier voelt, tussen het zweet op de toestellen en de warmte van een vers kopje koffie.
















