Steven bij het bouwen van de wagen.
Steven bij het bouwen van de wagen.

Oud-Rooienaar wil corsokoorts overdragen aan heel Sint-Oedenrode

Human Interest

Sint-Oedenrode - Steven van den Dungen (37), geboren en getogen in Sint-Oedenrode, woont inmiddels in Rijsbergen, maar zijn roots in Rooi blijven belangrijk voor hem. Met een passie voor het bloemencorso in Zundert, waar hij inmiddels al jaren aan meewerkt, wil hij graag zijn enthousiasme delen met zijn oude dorpsgenoten. Sterker nog, hij wil de corsokoorts overdragen. “Dit moet je meemaken!” zegt hij met overtuiging. We spraken met hem over zijn ervaringen en waarom iedereen het Zundertse corso een keer gezien moet hebben.

Steven, vertel eens, hoe ben je vanuit Sint-Oedenrode in de wereld van het bloemencorso terechtgekomen?
“Ik ben geboren en opgegroeid in Sint-Oedenrode, in de Christinaweg, waar carnaval altijd een groot feest was. Toen ik vanwege mijn werk naar Rijsbergen verhuisde, ontdekte ik het bloemencorso in Zundert. Hier in de omgeving zie je overal enorme bouwtenten, en als buurt zijnde, hadden wij in klein Zundert ook zo’n tent. Ik vroeg me af: wat gebeurt hier allemaal? Van het een kwam het ander, en voor ik het wist, was ik betrokken bij de bouw van de wagens.”

Wat houdt jouw rol in bij het bloemencorso?
“Ik heb een achtergrond als hovenier, dus werken met dahlia’s en andere bloemen was me niet vreemd. Maar bij het corso gaat het om veel meer dan dat. Ik houd me vooral bezig met de vormgeving: er worden tekeningen en ontwerpen van maquettes gemaakt, die vervolgens door een groep van zo’n zestien bouwers tot leven worden gebracht. Daar ben ik er eentje van. Daarnaast werken we met zo’n honderdvijftig (!) mensen die helpen met het ‘prikken’ van de bloemen. Alles wat carnavalswagenbouwers met verf doen, doen wij met bloemen. We gebruiken wel twintig verschillende kleuren dahlia’s, maar experimenteren ook met materialen zoals maïsblad en zelfs koffiedrap voor speciale effecten.”

Wat maakt het bloemencorso in Zundert zo bijzonder?
“Het corso hier is echt uniek. Het is niet zomaar een optocht; het is een cultuurtraditie die zelfs is erkend als Unesco immaterieel erfgoed. Met twintig buurtschappen werken we samen, en hoewel er een gezonde competitie is, voelt het nooit als vijandschap. We bouwen niet alleen wagens, maar we creëren samen iets dat vergelijkbaar is met de carnavalstraditie, maar dan volledig in bloemen. Het gevoel dat we hier ‘het corsovirus’ noemen, is wat iedereen aansteekt en betrokken houdt.”

Je bent dus behoorlijk gepassioneerd. Waarom denk je dat dit zo’n blijvende traditie is, terwijl bijvoorbeeld carnaval wat terugloop kent?
“De jeugd heeft hier echt de toekomst. Bij het corso doen eigenlijk alle kinderen mee. We organiseren kindermiddagen en scholen zijn actief betrokken. Op de basisschool leren ze al over de betekenis van het corso, ouders worden er automatisch bij betrokken. Mijn eigen dochters hebben hun eigen corso-shirt en gaan mee naar de kindermiddagen. Ook al zijn ze pas vijf en bijna drie jaar. Ze worden door ons meegenomen en dat vinden ze leuk. Deze betrokkenheid is misschien wel waarom het corso zo sterk blijft.”

Wat zou je willen zeggen tegen de mensen in Sint-Oedenrode?
“Ik wil iedereen van harte uitnodigen om het Zundertse bloemencorso te komen bekijken. Het is echt een uniek spektakel. De wagens worden allemaal met man- en vrouwkracht voortbewogen en hoewel we steeds meer met elektro en hydrauliek werken, blijven de bewegingen vaak nog met de hand gedaan. Dat maakt het zo bijzonder. De eerste zondag van september is de optocht, en op maandag worden de wagens tentoongesteld op het veilingterrein. Het is een ervaring die je niet wilt missen!”

Het bouwwerk van vorig jaar.