Handelen op de markt was eeuwen geleden nog veel meer rekenen dan tegenwoordig
Handelen op de markt was eeuwen geleden nog veel meer rekenen dan tegenwoordig Foto: Anne Marie van de Meulengraaf

WeetWeerWatWeetje: Meten, maten en gewichten

Column

Sint-Oedenrode – Vlees kopen we per kilo of deel daarvan, vloeistoffen rekenen we in liters of kubieke meters af en afstanden meten we in kilometers of als het om kleine maten gaat in meters of millimeters. Ook als we over de grens gaan, staan op de wegwijzers de afstanden in kilometers en bij het tankstation rekenen we onze brandstof in liters af. Het maakt niet uit waar we zijn in Nederland, Italië of Spanje. De meter, kilometer en de liter worden in de meeste landen van de wereld gebruikt, maar er zijn landen met afwijkende eenheden. In Engeland worden afstanden in mijlen gemeten, net als in de Verenigde Staten waar ook mijlen op de wegwijzers staan, daar wordt brandstof niet in liters, maar in gallons afgerekend. Was dat altijd zo?

Nagenoeg wereldwijd hanteren van uniforme maten en gewichten is iets dat in de loop van de eeuwen is ontstaan. Aanvankelijk kende elke regio en soms zelfs elke plaats verschillende maten. Een veel voorkomende lengtemaat was de el, die kwam in de Bijbel al voor en was de lengte tussen de ellenboog en het topje van de middelvinger, zo’n 44 cm. Toch werd de el later langer, maar niet overal evenveel. De el in de Meierij van ’s-Hertogenbosch was met 685 millimeter een millimeter korter dan de el in ’s-Heerenberg en in het Limburgse Beesel was een el zelfs 708 millimeter lang. Een andere lengtemaat was de voet. De voet was in de Meierij 287 millimeter, maar in Drenthe telde een voet als 294 huidige millimeters.

Ook voor gewichten gold hetzelfde. Een pond meel was in de ene plaats een stuk zwaarder of lichter dan aan de andere kant van het land. Zo zou een pond in Brabant nu 469 gram wegen terwijl het Amsterdamse pond nu 25 gram meer, namelijk 494 gram op de weegschaal zou brengen. Beter was het om in Appingedam een pond meel te kopen, want dan zou je nu 531 gram mee krijgen. Is het alleen de vraag of de prijs per pond ook niet overal anders was?

Als voor lengte en gewicht overal andere eenheden werden gehanteerd, dan zal het niet verbazen dat ook voor inhoudsmaten elke regio zo haar eigen gebruikte maten had. Zo was ‘mud’ een veel gebruikte inhoudsmaat in oude tijden. Ook een mud varieerde per plaats en regio van 111,5 liter tot wel 301 liter als de mensen het over graan hadden. Handelde onze voorouders toevallig in ‘droge waren’, wat er in die tijd ook maar onder werd verstaan, dan hadden zij het over huidige inhoudsmaten die varieerden van 91,2 tot opnieuw de 301 liter. Zelfs een mud was in dezelfde plaats afhankelijk van de soort handelswaar die werd afgemeten.

Tot slot waren er ook in elke regio handelsmaten voor vlaktematen, waarbij we dan vooral aan percelen moeten denken. Zie daar komt de mud opnieuw tevoorschijn. In de achterhoek was de mud in oppervlakte vergelijkbaar met wat nu 0,68 hectare is en in Drenthe was een mud 0,721 hectare, maar als ze het over veengebied hadden was een mud in een keer 0,36 hectare. In onze regio kenden we de mud niet als oppervlaktemaat, hier hadden we de bunder. De bunder die nu in het spraakgebruik nog regelmatig gebruikt wordt voor één hectare, was in vroegere tijden vergelijkbaar met 1,32 ha. Daar stond tegenover dat in het zuidelijke Limburg een bunder maar net iets meer was dan wat nu 0,8 hectare is.

In tegenstelling tot wat nu het geval is hadden de verschillende maten en gewichten onderling weinig samenhang. Een bunder was 8 lopense en een bunder was ook 400 vierkante roede, tenminste in onze regio. In Limburg was 1 bunder, die al een andere bunder was als in de Meierij, weer 20 vierkante roede. Nee, handelen was in die tijd iets voor slimme rekenkoppen en kenners van lokale maten.

Zolang als dat mensen vooral handel dreven in hun eigen dorp of stad deden de afwijkende maten en gewichten er niet echt toe. Wie gisteren tien el touw kocht en er volgend jaar weer tien nodig had, die hoefde niet bang te zijn dat het nieuwe touw een stukje korter was. Wie onderweg was die kon wel eens bedrogen uitkomen en net wat minder touw krijgen dan dat hij dacht te kopen. Aan die wirwar van maten en gewichten moest een einde komen en in de loop van de tijd werden steeds meer maten in Nederland geüniformeerd. Nee, nog niet naar meters en kilo’s of afgeleide eenheden daarvan, maar de maat van een grote stad werd als landelijke eenheid gekozen. Dat bevorderde niet alleen de handel, maar ook de belastinginners waren er wel blij mee.

Volgende maand kijken we hoe we tot meters, kilo’s en andere huidige standaard eenheden zijn gekomen.