Schoon

We zijn in een schone wereld beland. We wassen vaak onze handen, ontsmetten alles om ons heen, verblijven in onze eigen bubbel. We zijn er een beetje aan gewend geraakt. Zeep is het nieuwe ‘goud’. Nadat kleindochter Sofie buiten heeft gespeeld is het meteen ‘handjes wassen’. Dat is het nieuwe normaal. En daarom hebben we zeep nodig, veel zeep, allerlei soorten zeep. Zeepstukken met geuren als kaneel-sinaasappel waar je aan wilt blijven ruiken. Ik tenminste wel. Allerlei verpakkingen zeep. Vloeibare zeep of schuim.

Ik neem je graag mee in mijn eigen zeep-avontuur. Want in de najaarsvakantie belandde ik ongewild in een soap, letterlijk een echt ‘zeep-verhaal’. Maar dan in slechts één aflevering. We waren in Frankrijk, in een heerlijk wijngebied. De druivenpluk was begonnen. Wij hadden een fantastisch adres gevonden om een paar dagen te genieten van het uitzicht op de glooiende wijnvelden. Toen we aankwamen hingen kleine schapenwolkjes als wattenplukken aan de blauwe hemel en de zon lichtte steeds een ander stukje van het landschap op. Het beloofde een heerlijk verblijf te worden. Het authentieke Franse huis met de typische blauwe luiken was van binnen modern, alles ruim en royaal opgezet. In het midden een grote trappartij. De kamer die we kregen was al prachtig, maar de badkamer was het toppunt van luxe. Neem nou die schuifdeur die achter je rug geruisloos dicht schoof, nadat je jezelf in de zachtverlichte spiegel zag verschijnen. Nog nooit was mijn spiegelbeeld zo mooi. Naast de waskom stonden pastelkleurige accessoires om het luxe badgevoel te versterken. Wat meteen opviel was de zeepdispenser, een keramieken exemplaar van zo’n dertig centimeter hoog, zo een met een pompje om met een lichte touch wat van die heerlijk geurende roze zachtheid in je hand te laten glijden. Verder een toilet met hoekige vormen, weer eens wat anders. En dan was daar de riante inloopdouche die complete regenbuien op je neer kon storten met behulp van verschillende interessante knoppen op een bedieningspaneel. De moeite van het bestuderen waard. Ik verheugde me op deze ultieme beleving.
Toen het zover was zag ik – zelfs zonder bril, door de mist van fijne druppeltjes – ook zo’n chique keramieken zeepdispenser op het knoppenplateau staan. Ik wilde al douchend wat van die vloeibare zeep op mijn hand pompen. Het voorwerp schoot weg. Als een projectiel. Pats. Helemaal in gruzelementen. De grote en piepkleine scherpe stukken steen zwommen om mijn voeten, stuk voor stuk gedompeld in een zee van roze vloeibare zeep die de vloer soppig en glad maakte. Mijn hemel. Wat moest ik doen? Ik probeerde paniekerig aan wat knoppen te draaien om de gestaag vallende extra krachtige regenbui wat te temperen. Wat als ik mijn voeten zou verzetten? Ik probeerde te bukken om grote brokstukken te verzamelen en gleed bijna weg. Nee. Wat een ramp. Ik spoelde de roze smurrie zoveel mogelijk de afvoer in. Een noodkreet was vervolgens het enige dat ik kon verzinnen. Help, help! Wat was ik gelukkig toen mijn redder vanachter de schuifdeur verscheen die me - weliswaar heel behoedzaam - uit deze soap verloste. Bij het betalen van de rekening vermeldden we netjes dat de toch wel onhandig geplaatste dispenser stukgevallen was. En ook dat de douchevloer nu extra schoon was. Met een hoofdrol voor zeep.

Ineke Bekkers
Reageren? schrijvers@impesant.nl