
Wageningen University gebruikt Kienehoef als fieldlab
Bezoekers van Park Kienehoef keken zaterdagmiddag wat vreemd op. Een grote groep jonge mensen met gele hesjes en waadpakken verzamelde zich voor de Helden van Kien. Zonder uitzondering droegen ze allemaal een mondkapje en hielden zich zo goed als het ging aan de anderhalve meter. Wat was er toch aan de hand?
“We houden hier een fieldlab. Onder strenge voorwaarden mogen we een praktijkles houden”, vertelt Gijs Elkhuizen. Hij is opleidingsdirecteur bij Wageningen University en hoopt dat met het slagen van deze veldproef, de studenten weer praktijkonderwijs kunnen volgen. “We hebben onze tenten opgeslagen op camping de Kienehoef. Elke student heeft zijn of haar eigen tent. We eten onder pergolatenten. De studenten hebben zoveel als mogelijk een eigen toilet en houden strikt anderhalve meter afstand tot elkaar”. Op de vraag waarom de studenten zelfs buiten een mondkapje dragen, antwoordt Elkhuizen: “dat is inderdaad niet verplicht, maar zonder dat we er iets van hebben gezegd doet iedereen het”. Wageningen University kreeg, ondanks dat ze het fieldlab eigenlijk te laat aan hadden gemeld toch toestemming van het ministerie van OCW. De studenten en hun begeleiders moeten dagelijks met zelftesten controleren of zij niet op de een of andere manier toch met het virus in aanraking zijn gekomen. Tot zaterdag was dat in elk geval nog niets aan de hand.
Omdat de Wageningse studenten toch in Rooi waren, deden ze meteen ook maar een onderzoek. Onder begeleiding van Rooienaar Mike Leurling onderzoeken de studenten de bodem en waterkwaliteit van de vijvers in het park Kienehoef. Leurling is als universitair hoofddocent werkzaam op de Wageningse universiteit en houdt zich al sinds 2006 bezig met de waterkwaliteit van de vijvers. “De waterkwaliteit van de vijver is de laatste jaren al behoorlijk verbeterd”, zegt Leurling. “Zo’n jaar of tien geleden zijn de vijvers helemaal uitgebaggerd. Daarmee is veel voedselrijke grond verwijderd en is de blauwalg die jarenlang elke zomer een ware plaag vormde grotendeels verdwenen. Toch wil het water nog niet helder worden, dat komt vooral door de karpers in de vijver. Deze vissen hebben de gewoonte om de bodem om te woelen. Daardoor krijgen jonge plantjes niet de kans om aan te groeien. Ik denk dat het wegvangen van de karpers de enige oplossing is om het water weer helder te krijgen. In de zwemvijver bij de camping is het water wel helder en dat gaat hier ook lukken. Als je bij de Beatrixstraat kijkt, dan zie je dat er vanuit de nieuwe regenwater riolering uit Kienehoef heel helder water in de vijver stroomt”.
Belangrijkste onderzoeksdoel van de studenten is om te bepalen welke waterplanten er in de vijver groeien en welke macrofauna er is. De hoeveelheid, de soort en de grootte van de planten zeggen iets over de kansen die de waterplanten hebben. Terwijl de in het water levende beestjes een goede indicator zijn voor de waterkwaliteit. Als er veel slakken zijn, dan is dat een teken dat het water van mindere kwaliteit is. Zijn er daarentegen veel libellelarven en kokerjuffers, dan zit het wel snor met de kwaliteit van het water.



